Barbecuetips

Op kolen, op gas of elektrisch: zodra de temperatuur stijgt, halen we massaal de barbecue uit zijn winterslaap. Aan populariteit heeft de barbecue nog niet ingeboet, integendeel. Naast het sociale aspect is geroosterd vlees natuurlijk ook gewoon lekker. Het vlees krijgt een aparte smaak, een beetje gerookt. Als je enkele tips & tricks in acht neemt, wordt jouw barbecue een feest!

  • Zorg dat de barbecue stevig staat, op een veilige plaats. Hou rondlopende kinderen in het oog. 
  • Hygiëne is onontbeerlijk! Was regelmatig je handen met zeep en gebruik voor het rauwe vlees andere tangen, vorken en borden/schotels dan voor gegaarde producten. Zet de rauwe etenswaren nooit in de volle zon, maar bewaar alles zo lang mogelijk in de koelkast.
  • Steek aanmaakblokjes aan verspreid tussen de kolen of briketten. Wacht tot de kolen ‘witheet’ zijn, en er zich een egale aslaag vormt. Er mogen geen vlammen zichtbaar zijn. Plaats het rooster 25 tot 40 centimeter hoog en bestrijk het met een beetje olie.
  • Wacht lang genoeg met vlees op te leggen. Anders verbrandt het, terwijl het binnenin nog rauw is. Langzaam garende stukken leg je op een hoog rooster; snel garende stukken dichter bij de kolen.
  • Vuistregel: als je je hand langer dan 2 seconden 10 cm boven de kolen kan houden, is de barbecue niet heet genoeg. 
  • Begin met het gevogelte en varkensvlees, die het langst moeten garen. Daarna het kalfs- of lamsvlees, gevolgd door rundvlees (biefstuk), dat je meestal saignant serveert. Op het allerlaatst natuurlijk de voorgebakken producten, die je enkel nog moet opwarmen.
  • Draai het vlees regelmatig om tot het goed gaar is. Meestal is de barbecue aan de zijkanten minder heet dan in het midden zodat je verbranden kan vermijden. Echt zwartgeblakerde stukjes kan je wegsnijden. 
  • Hou een emmer water of zand binnen handbereik om snel een vlam te kunnen doven.